Nederlandse-stichting-administratiekantoor-(STAK)-geen-Kaaimantaks-Delboo-advocaten

Eind 2023 waren veel fiscale adviseurs in paniek. Door de uitbreiding van de Kaaimantaks zouden volgens hen meerwaarden op aandelen die gecertificeerd waren door een Nederlandse stichting administratiekantoor belastbaar worden bij decertificering. De minister van Financiën heeft deze visie intussen terecht van de hand gewezen. De fiscale adviseurs zagen dus duidelijk spoken.

Kaaimantaks

De Kaaimantaks is in essentie een doorkijkbelasting, waardoor de inkomsten die worden ontvangen door juridische constructies, fiscaal toegerekend worden aan de oprichters ervan alsof zij deze inkomsten zelf rechtstreeks hebben ontvangen. Daarnaast worden uitkeringen door juridische constructies belast als dividend, tenzij kan worden aangetoond dat de uitkering voortkomt uit reeds belaste inkomsten of ingebracht kapitaal.

De programmawet van 22 december 2023 heeft de regels van de Kaaimantaks met ingang van 1 januari 2024 gewijzigd. Een van de wijzigingen houdt in dat meerwaarden op aandelen die een juridische constructie realiseert voortaan effectief belast moeten zijn om bij hun latere uitkering door de entiteit niet te worden belast als dividend.

STAK

Reeds tijdens de voorbereidende werkzaamheden van de programmawet heeft de minister van Financiën duidelijk gesteld dat de doorkijkbelasting niet van toepassing is op de inkomsten en uitkeringen van een STAK, voor zover zij zelf geen aandelen van een juridische constructie aanhoudt en alle voorwaarden voor fiscale transparantie zoals voorzien in de certificeringswet zijn voldaan.

Deze voorwaarden houden in dat de STAK aandelen van een BV of een NV moet certificeren en dat er een onmiddellijke uitkering van de inkomsten moet gebeuren door de STAK aan de certificaathouder (waarbij onder ‘onmiddellijk’ binnen 15 dagen na ontvangst dient te worden verstaan). Volledigheidshalve vermelden wij dat wanneer de certificering geen aandelen van een NV of BV betreft, de administratie voor de toepassing van de fiscale transparantie twee voorwaarden toevoegt: de certificaten moeten op basis van een één-op-één verhouding met de onderliggende aandelen worden uitgegeven (één aandeel = één certificaat)  en er moet bepaald zijn dat de STAK de aandelen niet kan vervreemden zonder voorafgaande goedkeuring van de certificaathouder.

De certificeringswet bepaalt dat de certificaten gelijkgesteld worden met de effecten waarop zij betrekking hebben. Hieruit volgt dat de certificaten ook fiscaal niet als afzonderlijke effecten worden beschouwd en dat er bij certificering van effecten géén sprake is van verwezenlijkte meer- of minderwaarden. De houder van de certificaten, en niet de uitgever ervan, wordt beschouwd als rechtstreekse rechthebbende van de dividenden die voortkomen uit deze effecten.

De minister besluit dat, hoewel de doorkijkbelasting de facto niet van toepassing zal zijn, de oprichter van de STAK in elk geval het bestaan ervan moet vermelden in zijn aangifte personenbelasting.

De conclusie is dus duidelijk: de STAK wordt misschien wel geviseerd door de Kaaimantaks, maar de inkomsten en meerwaarden op door de STAK gecertificeerde aandelen komen via de certificeringswet uitsluitend toe aan de certificaathouder en dus niet aan de STAK, zodat ze de facto niet onder de toepassing van de Kaaimantaks vallen.

STAK - MAATSCHAP

De certificeringswet is strikt genomen enkel van toepassing op certificering van aandelen van een BV of een NV. Wat als de aandelen van een Belgische maatschap worden gecertificeerd door een STAK?

Tijdens de parlementaire voorbereiding van de programmawet van 22 december 2023 bevestigde de minister van Financiën reeds dat, wanneer de aandelen van een Belgische maatschap worden gecertificeerd via een Nederlandse STAK, de Kaaimantaks geen uitwerking zal hebben als de toepassing van de bestaande regels omtrent certificering leidt tot een volkomen fiscale transparantie en er dus geen zwevend vermogen is ontstaan – wat normaal gezien het geval is.

De minister heeft dit standpunt herhaald in een antwoord op een parlementaire vraag. Hij stelt dat in het algemeen de wijzigingen aan de Kaaimantaks niet tot doel hebben om te raken aan de bestaande fiscale regels omtrent certificering, zoals vastgelegd in de certificeringswet of bij toepassing van een bestaande administratieve tolerantie.

Behalve wanneer de certificaten betrekking hebben op aandelen van een rechtspersoon die zelf als een juridische constructie wordt aangemerkt, of wanneer niet aan de voorwaarden van de certificeringswet wordt voldaan, zullen behoudens de meldingsplicht in de aangifte de door de STAK verkregen inkomsten niet onder het toepassingsgebied van de Kaaimantaks vallen.

Recente nieuwsitems