Nieuwsbrief maart 2018

Kanscontract of beding van aanwas. What's in a name?

Voor niet-onverdeelde goederen kan er volgens de Vlaamse belastingdienst (Vlabel) geen sprake zijn van een “beding van aanwas”. Indien voldaan wordt aan een aantal voorwaarden kan echter alsnog dezelfde fiscale regeling toegepast worden. Een correcte redactie van het beding blijft van cruciaal belang.



Wat voorafging

 

In zijn standpunt nr. 17044 poneerde Vlabel de burgerrechtelijke voorwaarden waaraan een beding van aanwas volgens hem dient te voldoen om als een geldig beding van aanwas te worden beschouwd, zodat de uitwerking van het beding niet aan erfbelasting of schenkbelasting onderworpen wordt. (lees ook onze vermogensflash van januari  en februari)

 

Verder in dit standpunt verduidelijkt Vlabel zijn visie inzake een beding van aanwas met betrekking tot niet-onverdeelde goederen. Volgens Vlabel bestaat zo’n beding van niet, anders zou er sprake zijn van een contradictio in terminis. Evenwel kunnen aan dergelijk beding alsnog dezelfde fiscale gevolgen gekoppeld worden als aan een beding van aanwas indien het om een notarieel kanscontract gaat (ten bezwarende en bijzondere titel) en de inleg en levensverwachting van de partijen aldus gelijk(w)aardig zijn. Vlabel lijkt hiermee te aanvaarden dat ook dergelijk beding van aanwas met betrekking tot niet-onverdeelde goederen, mits voldaan wordt aan de door hem gestelde voorwaarden, bij uitwerking niet aan erf- of schenkbelasting zal worden onderworpen. Evenwel is Vlabel van mening dat dergelijke bedingen niet “beding van aanwas”, maar “kanscontract” genoemd dienen te worden.

 

Voorafgaande beslissing

 

In zijn Voorafgaande beslissing nr. 17046 diende Vlabel zich uit te spreken over het voornemen van zes ongehuwde broers om een beding van aanwas met betrekking tot niet-onverdeelde goederen overeen te komen. Deze zes broers hebben geen afstammelingen en wonen al jarenlang samen. Tussen de oudste broer en de jongste broer is er een leeftijdsverschil van 15 jaar. Om hun nauwe band te versterken en te bevestigen, wensen de broers via een cascadesysteem (onder de vorm van een beding van aanwas) elk een bedrag van € 700.000 eigen (dus: niet-onverdeelde) roerende goederen over te laten aan de overlevende broers / langstlevende onder hen. Zij wensen daartoe gebruik te maken van een beding van aanwas.

 

Volgens Vlabel bestaat een beding van aanwas met betrekking tot niet-onverdeelde goederen theoretisch niet. Wanneer het echter om een notarieel kanscontract ten bezwarende en bijzondere titel gaat, kan alsnog dezelfde fiscale regeling toegepast worden als bij een beding van aanwas (zie hoger).

 

Vlabel meent dat er sprake is van een kanscontract onder bijzondere titel, wanneer de overeenkomst of het beding niet de algemeenheid van de goederen of een evenredig deel van de roerende of onroerende goederen die hij/zij zal nalaten bij zijn/haar overlijden betreft. Verder stelt Vlabel dat het kanscontract ten bezwarende titel is wanneer de kansen evenwichtig zijn. Hierbij wordt niet vereist dat de kansen gelijk zijn. Wel dient er sprake te zijn van een gelijkaardige levensverwachting en een gelijk(w)aardige inbreng op het ogenblik van het afsluiten van het beding.

 

Vlabel bevestigt dat in het voorgelegde geval van de zes broers voldaan is aan deze voorwaarden. Mede gelet op de omstandigheid dat geen van de broers met gezondheidsproblemen kampt, wordt een leeftijdsverschil van 15 jaar niet als problematisch ervaren (dit ligt in lijn met eerdere rechtspraak). Daarnaast wordt ook de inbreng als gelijkwaardig beschouwd, aangezien het beding voor elke broer betrekking zou hebben op een bepaald bedrag aan roerende goederen. Hierdoor is er ook sprake van een kanscontract onder bijzondere titel. Tot slot is Vlabel van oordeel dat er geen sprake is van fiscaal misbruik, aangezien ook niet-fiscale motieven aan de grondslag liggen van voorgenomen verrichting.

 

Een gelijkaardige voorafgaande beslissing werd genomen met betrekking tot het voornemen van twee zakenpartners om een kanscontract af te sluiten inzake niet-onverdeelde goederen. Ook in deze casus bedroeg het leeftijdsverschil 15 jaar. (zie voorafgaande beslissing nr. 18013)

 

Hoewel het oorspronkelijke standpunt van Vlabel als een bom insloeg, blijkt de administratie in de concrete toepassing van dit standpunt mild te zijn. Alsnog blijft een juiste redactie van een beding van aanwas / kanscontract van uiterst groot belang wil men bij de uitwerking erf- en/of schenkbelasting vermijden. Eventueel kan overwogen worden om uw geval ook voorafgaandelijk voor te leggen aan Vlabel.