Nieuwsbrief mei 2018

  • Zoals uiteengezet in onze nieuwsbrieven van februari en maart, zijn ook natuurlijke personen die geen Frans fiscaal rijksinwoner zijn aan de Franse onroerendgoedbelasting (de ‘Impôt sur la Fortune Immobilière’) onderworpen. Hierna worden een aantal manieren om de verschuldigde belasting te reduceren toegelicht.

  • De aftrekbaarheid van kosten die een vennootschap maakt voor een woning of appartement dat ze ter beschikking van haar bedrijfsleider stelt wordt door de fiscus vaak in vraag gesteld, zeker als het gaat om een woning of appartement aan de kust. Een arrest van het Hof van Beroep te Gent van 10 april 2018 illustreert de zware bewijslast voor de belastingplichtige.

  • In een recente voorafgaande beslissing neemt de Vlaamse Belastingdienst een duidelijk standpunt in over de Belgische private stichting. Meer bepaald wordt de gunstige fiscale behandeling van een schenking en een legaat aan een private stichting alsook uitkeringen door een private stichting in het kader van schenk- en erfbelasting uitdrukkelijk bevestigd (voorafgaande beslissing nr. 17040 van 27 november 2017).

  • De Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge heeft op 19 februari 2018 een opmerkelijk vonnis geveld over de fiscale behandeling van een kapitaalvermindering in hoofde van de aandeelhouders van een vennootschap. Daarbij kwam zij tot het besluit dat er sprake is van een verkapte dividenduitkering, waarop – in tegenstelling tot een kapitaalvermindering – wél steeds roerende voorheffing verschuldigd is. Meteen wordt met het vonnis ook de toepassing van de “nieuwe” algemene antimisbruikbepaling geïllustreerd in de materie van inkomstenbelastingen.